Meer boels
Inloggen Registreren

Op deze pagina vind u handige tips voor het gebruik van onze pompen.

Do’s

  • Controleer de pomp voor gebruik op mankementen.
  • Plaats de pomp zo dicht mogelijk bij de te verpompen vloeistof. Houdt de aanzuighoogte zo klein mogelijk.
  • Plaats de aanzuigslang oplopend naar de pomp, zodat er geen lucht in de slang achterblijft.
  • Zorg voor een juiste montage van de koppelingen; niet scheef en de rubbers in de goede positie.
  • Gebruik altijd een zuigkorf en controleer deze regelmatig op vervuiling
  • Bij lange afvoerleidingen zal de capaciteit afnemen ten gevolge van wrijvingsverlies. Gebruik een grotere maat afvoerleiding. Dit vermindert de wrijving.
  • Zorg ervoor dat de afvoerslang niet is geknikt. Dit kan verstoppingen en oververhitting van de pomp veroorzaken.
  • Gebruik de juiste brandstof.
  • Zorg voor voldoende ventilatie van uitlaatgassen
  • Gebruik elektrische pompen op de juiste spanning, stroomsterkte en draairichting.
  • Tap de pomp af bij vorst, wanneer deze niet gebruikt wordt.


Don’ts

  • Verpompen van agressieve, corrosieve en ontvlambare stoffen
  • Pomp laten draaien met gesloten perszijde of geknikte slangen, de pomp en de motor kunnen oververhit raken
  • Pomp laten draaien met vervuilde zuigkorf of geknikte zuigslang, de pomp kan beschadigen als gevolg van cavitatie
  • Oprolbare slang als zuigslang gebruiken
  • Pomp laten draaien met zuigslang begraven in zand of modder. Indien mogelijk de zuigslang ondersteunen
  • Pompen zonder zuigkorf op de aanzuigslang
  • Gebruik van een kleinere diameter aanzuigslang, dan aanbevolen
  • Pomp droog laten draaien, tenzij de pomp hiervoor geschikt is
  • Brandstof gedreven pompen gebruiken in afgesloten of slecht geventileerde ruimten
  • Dompelpompen aan de voedingskabel laten zakken/optrekken
Altijd op de hoogte zijn? Meld u aan voor onze nieuwsbrief